Opzien en verder zien

Meditatie

Als je mensen vraagt wat ze denken bij diaconaat en diaken dan wordt dit vaak geassocieerd met doen, handen uit de mouwen steken en geloof heeft ook handen. In dit beeld zijn diakenen vaak doeners. Kortom, kerk in actie of zoals de titel van het beleidsplan van de diaconie ‘Kerk aan de winkel’.

In de tijd van de coronacrisis waarin dit wordt geschreven gebeurt er veel door de diaconie. Mensen die geen boodschappen kunnen doen, omdat ze oud zijn, gezondheidsrisico’s lopen, geen netwerk hebben, worden door organisaties als Present, Hart voor Zwolle en het Diaconaal Platform geholpen.

Er is een tijdelijk samenwerkingsverband tussen de Stichting Voor Elkaar Zwolle, Noodfonds Zwolle, Present en de Commissie Gezamenlijke Kerken (=kerkelijk noodfonds) met als werktitel Coalitie Noodhulp Zwolle. Deze wil ervoor zorgen dat mensen die door de coronacrisis in de financiële problemen zijn gekomen wel in hun dagelijkse noodzakelijke boodschappen kunnen doen. Door dergelijke activiteiten blijven ook kwetsbare mensen op de been.

Handen uit de mouwen steken vraagt de nodige energie. Hoe houden diakenen en diaconale werkers het vol?

Het Diaconaal Platform heeft in deze crisis aan diakenen van de Zwolse kerken een handreiking gedaan. De handreiking begint met ‘wat kun je doen met gevouwen handen?’ en daarna ‘wat kun je doen met de handen uit de mouwen?’.

Vorig jaar waren we op bezoek bij ‘Stem in de stad’. Dit is een ontmoetingsplek voor vluchtelingen, daklozen en andere kwetsbare mensen in Haarlem. Bij de rondleiding werden we eerst geleid naar een eeuwenoude kapel onder het gebouw. Hier komen medewerkers eerst samen om de dag te beginnen in gebed en bezinning. Het werk begint met gebed, omdat je het anders niet volhoudt. De inmiddels overleden diaconaal predikant Jurjen Beumer van Haarlem en verbonden aan dit project schreef het boek ‘Intimiteit en solidariteit’. Vanuit de intimiteit en de omgang met God kun je het werk voor vluchtelingen, ontheemden, daklozen en kwetsbare mensen volhouden. Anders gaat het niet.

Vanuit dit startpunt kunnen we ook in Zwolle aan de slag. We moeten aan de andere kant niet alleen blijven kijken naar de hemel. Dat is niet de bedoeling en wordt ook niet van je gevraagd. De discipelen bleven naar de Hemelvaart van Jezus naar boven staren en werden wellicht bevangen door een gevoel van heimwee van wat geweest is en niet meer terugkomt. Ze zouden al die mooie momenten met Hem willen vasthouden en als het ware willen conserveren.  Eenieder heeft wel eens van die momenten die zij/hij permanent zou willen omarmen. Momenten die je nodig hebt om het uit te houden.

Een engel schut de discipelen wakker uit hun ‘droom’. Ze moeten terug naar hun roots in Jeruzalem en wachten op wat God gaat doen. Van nostalgie en weemoed is geen sprake. Het Evangelie in al zijn vormen gaat verder. Blijf niet stilstaan bij wat geweest is, maar doe wat je hand vindt om te doen. Ieder mens heeft handen en gaven om te delen. Niemand is overbodig.

De vraag wordt nog wel eens gesteld ‘hoe maak je het werk van de diaconie zichtbaar als kerkelijk werk’. Mijn advies zou zijn: doe hier niet al te krampachtig over. Laten we kijken naar de apostelen na Pinksteren. Over hen en de eerste christelijke gemeente wordt geschreven dat ze trouw beleven, het brood braken en deelden in een geest van eenvoud en vreugde, zich wijden aan gebed, hun bezittingen verkochten en de opbrengst verdeelden onder hen die iets nodig hadden. Van hen wordt ook gezegd dat ze in de gunst stonden bij het volk. Doe in het leven van harte goede dingen alsof het voor God is. Zo wordt het werk van diaconie en diaconaat zichtbaar, daar wordt voor gezorgd. Dat hoeven wij niet te doen.

Tot slot een uitspraak en advies van Dietrich Bonhoeffer van wie op 9 april jl. is herdacht dat hij 75 jaar geleden werd geëxecuteerd. Wat een christen moet doen, is ‘bidden, het goede doen onder de mensen en wachten op God’ (vrij vertaald).

Wim van Ree, diaconaal consulent.